De mannelijkheid in de bijbel vanuit het Daoïsme bekeken - uitgelichte afbeelding - Yvonne Alefs

De mannelijkheid in de bijbel vanuit het Daoïsme bekeken

Ik vertel denk ik niets nieuws als ik zeg dat het voor veel vrouwen in onze westerse samenleving een doorn in het oog is dat de bijbel voornamelijk over mannen gaat en dat er verhoudingsgewijs maar weinig vrouwen in voorkomen. Vaak wordt er bij wijze van ‘pleister op de wond’ aangehaald dat de paar Godsvrouwen die in de bijbel voorkomen wel allemaal stuk voor stuk hele belangrijke veranderingen mogelijk hebben gemaakt.

Voor mij is de mannelijkheid in de bijbel eerlijk gezegd nooit een groot struikelblok geweest. De samenlevingen uit de tijd waarin de teksten van de bijbel werden opgeschreven, waren nu eenmaal zo ingericht dat vooral de mannen het voor het zeggen hadden. Hun woorden en daden zijn daardoor niet minder inspirerend voor mij. Wat me eerder bezighoudt is het openzetten van de deuren in de tegenwoordige tijd, zodat vrouwen hun gaven in alle religieuze posities die ook voor mannen toegankelijk zijn, kunnen inzetten en wereldwijd een grotere religieuze rol kunnen spelen. Ik zal ook niet ontkennen dat ik ook weleens de gedachte heb gehad, dat het misschien tijd wordt dat we God niet meer als mannelijk beschouwen, maar als een scheppende kracht die nog mannelijk noch vrouwelijk is. Die gedachte verdwijnt echter steeds meer naar de achtergrond nu ik meer kennis krijg van de wijsheid vanuit het oosten.

Het Daoïsme (een geloofsleer die een paar eeuwen ouder is dan het christendom en oorspronkelijk uit China komt) stelt namelijk dat alles in deze wereld uit yin- en yangkrachten bestaat. Yin staat voor het vrouwelijke, het zachte, het ontvangende en het aardse. Yang voor het mannelijke, het harde, het voortstuwende en het hemelse. Yang kan alleen bestaan als Yin er is en andersom geldt hetzelfde. Als we dit doortrekken naar de seizoenen, dan is het voorjaar een yangkracht (voortstuwend) en de winter een yinkracht (ontvangend). De winter kennen we als een periode waarin alles in de natuur tot rust komt. De herfst heeft alles wat in het voorjaar en in de zomer tot groei en bloei is gekomen, losgelaten en de aarde heeft alles ontvangen en in zich opgesloten. In de stilte en leegte van de winter (yin), ontstaan de voorwaarden voor de lente (yang). Zonder de rust van de winter, zou er in het voorjaar geen nieuw leven mogelijk zijn en zonder de kracht van de lente, zou er in de winter geen nieuw zaad ontkiemen.

En dat laatste beeld maakt ook heel mooi de rol van de vrouw duidelijk. Zij heeft net als de winter ook de ontvangende kwaliteiten van het yin. Het vermogen om in de leegte van haar lichaam nieuw leven zich te laten ontwikkelen is hier waarschijnlijk het meest duidelijke voorbeeld van. Ze heeft de bijzondere vermogens gekregen om dat wat levenskracht in zich heeft te ontvangen (hemels en daarom yang), zodat het zich vanuit haar zachtheid en leegte in vorm en inhoud (aards en daarom yin) op deze aarde kan uitdrukken. Een prachtige Daoïstische omschrijving van het proces van conceptie tot geboorte. En als we dit dan doortrekken naar de bijbel en naar Maria, de moeder van Jezus, kijken, dan zouden we kunnen stellen dat God (voortstuwend, hemels, yang) de vrouw nodig had, zodat hij zich in een aardse gedaante onder de mensen kon begeven om hen te helpen en te onderwijzen. In het Daoïsme zou men zeggen: de hemel (geest) heeft de aarde (vast vorm) nodig om zich te kunnen manifesteren.

De onzichtbare, hemelse en scheppende (voortstuwende) yangkracht van God is vanuit deze theorie gezien mannelijk. De zichtbare, aardse, ontvangende yinkracht van de mens (in dit geval zowel man als vrouw!), is een vrouwelijke kracht. Dat het vooral mannen zijn die in de Bijbel het woord van God verspreidden, heeft weer te maken met de voortstuwende en uitdijende yangkracht van de lente (dus mannelijk). Een kracht die niet zonder de rust en leegte en de vorm en inhoud van de yin (vrouwelijk) mogelijk zou zijn geweest. Met dit in mijn vooruitstrevende gedachten verankerd, blijf ik God toch ‘Mijn Vader’ noemen en omarm ik zijn mannelijke trekken, in de wetenschap dat hij mijn yinkrachten als mens (zowel man als vrouw!) nodig heeft om zijn scheppende kracht vorm te geven.

Yvonne Alefs

Facebooktwitterlinkedin
2 Reactie's
  • Fred
    Geplaatst op 15:17h, 17 augustus Beantwoorden

    Heel mooi en vooral leerzaam verwoord Yvon …Dank

    • Yvonne
      Geplaatst op 19:18h, 20 augustus Beantwoorden

      Dat maakt me blij! Het is toch best vanuit een ander perspectief bekeken dan we ‘gewend zijn’. xxx

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.